De invloed van Emotionele Verwaarlozing op de relatie met je ouders

Dit is deel twee in een serie van drie over de gevolgen van emotionele verwaarlozing op je relaties. In deel 1 had ik het over de invloed op de relatie met je partner.

In dit deel zal ik het hebben over de invloed van emotionele verwaarlozing op de relatie met je ouders. Wat voor invloed heeft het ontbreken van emotionele aandacht en erkenning op hoe je als ouders en kinderen met elkaar omgaat? Dit hangt natuurlijk voor een groot gedeelte af van wat voor soort ouders je gehad hebt. In zijn algemeenheid kun je zeggen dat er drie typen emotioneel verwaarlozende ouders zijn.

Type 1: goedbedoelende maar zelf verwaarloosde ouders

Dit is verreweg de grootste categorie. De meeste ouders willen het beste voor hun kinderen en ouders die zelf emotioneel verwaarloosd zijn in hun jeugd zijn daar geen uitzondering op. Alleen hebben ze van emoties en hoe je daarmee om moet gaan niet zoveel kaas gegeten: ze hebben het domweg zelf niet geleerd. De meesten voeden hun kinderen op zoals ze zelf zijn opgevoed. Vaak hebben ze geen idee dat ze tekortschieten in de emotionele opvoeding van hun kinderen. Er zijn ook ouders die weinig regels en structuur bieden, ouders die workaholics zijn omdat ze denken dat ze vooral materieel voor hun kinderen moeten zorgen, of ouders die perfectionistisch zijn.

Als de volwassen kinderen van deze ouders terugkijken op hun jeugd, ziet dat er meestal heel normaal en prima uit. Ze kunnen zich herinneren wat hun ouders voor hen gedaan hebben, maar niet wat ze gemist hebben aan aandacht en emotionele steun. Want je kunt je niet herinneren wat er niet geweest is.

Je relatie met je ouders:

Danielle is de middelste uit een gezin van drie kinderen. De familie komt geregeld bij elkaar met verjaardagen, kerstmis, soms ook weekendjes weg. Dan is het gezellig, er wordt gepraat over het bedrijf van vader en hoe het met de kleinkinderen gaat. Alles lijkt in orde. Toch merkt Danielle dat ze een beetje begint op te zien tegen deze bezoekjes en steeds vroeger weer op huis aan wil. Ze weet niet precies waar het aan ligt. Ze voelt zich soms bozig naar haar ouders en haar broer en zus. Danielle is al een tijdje in de ziektewet wegens overbelasting. Heel langzaam is ze aan het opkrabbelen, gaat weer een paar uurtjes per week aan het werk. Ze merkt dat ze belangstelling daarvoor mist van haar familie. Ze voelt daar zo’n groot verdriet over dat ze er verward van wordt.

Als je dit type ouders hebt, is de relatie die je met ze hebt meestal ‘wel goed’. Je hebt met enige regelmaat contact. Je wisselt wat uit over je leven, maar gesprekken gaan vaak over ‘dingen’ en ‘gebeurtenissen’. Gevoelens komen meestal  niet ter sprake, waardoor het contact oppervlakkig blijft. Als gevolg daarvan voel je je vaak verveeld als je bij je ouders bent. Je hebt het gevoel dat ze je niet zien en niet kennen zoals je werkelijk bent.  Meestal voel je liefde voor je ouders en ben je verbaasd dat je je soms boos op ze kan voelen zonder dat je precies weet waarom. Je kunt je ook schuldig voelen over die boosheid. Je voelt je verward over de gevoelens die je voor je ouders hebt.  Je weet wel dat ze van je houden, maar je kunt het niet perse voelen.

 

Type 2: Ouders die moeite hebben het hoofd boven water te houden

Ook deze ouders willen het beste voor hun kinderen. Maar ze hebben het zo moeilijk met het dagelijks leven dat het ze niet lukt om veel aandacht te besteden aan het emotionele  welzijn van hun kinderen. Denk aan ouders die een kind of ander familielid hebben die speciale zorg nodig heeft, ouders die gescheiden zijn of hun partner verloren hebben, ouders die depressief zijn. Soms leunen deze ouders zelfs emotioneel op hun kinderen, zodat de ouder-kind rol omgedraaid wordt. De kinderen van deze ouders leren al vroeg zelfstandig te zijn. Door te vroeg volwassen verantwoordelijkheden te krijgen en te weinig aandacht voor je eigen gevoelens, loop je het risico door het leven te gaan als iemand die vooral voor anderen zorgt en die de eigen behoeften negeert.

De invloed op de relatie die je met elkaar hebt:

Margriet heeft een nauwe band met haar moeder. Toen Margriet zes jaar was heeft vader het gezin verlaten. Hij weigerde financieel bij te dragen aan de opvoeding van de kinderen en liet maar sporadisch iets van zich horen. Moeder stond er alleen voor met drie kinderen, waarvan de jongste nog een baby was. Margriet zag hoe moeilijk haar moeder het daarmee had, en om haar niet nog meer te belasten is ze erg zelfredzaam  geworden. Ze liet niet merken hoe bang en verdrietig ze was, stopte die gevoelens zelfs weg. En nu ze lang volwassen is en zelf moeder van twee kleine kinderen, doet ze dat nog steeds. Ze straalt iets uit van: ‘met mij gaat alles prima’ en ze vraagt eigenlijk nooit om hulp. Ze is zorgzaam naar moeder, gaat wekelijks langs en luistert dan naar alle problemen en kwaaltjes die moeder heeft. Ook als ze daar eigenlijk  geen energie voor heeft, óók als ze eigenlijk zelf een schouder nodig heeft om haar hoofd even op te laten rusten.

Als je dit type ouder hebt, dan zie je die vaak als ‘held’ die het ‘toch maar mooi gerooid heeft’ en je boosheid over het  gemis aan liefde en aandacht voor jou mag er niet zijn. Die richt je meestal op jezelf, door jezelf de schuld te geven van hoe ongelukkig je je voelt. Je bent erg begaan met je ouders en je wil ze graag helpen of voor ze zorgen. Dat gaat zo automatisch dat je je er soms niet van bewust bent. Als je een keer niet voor ze kan zorgen voel je je schuldig. Je bent dankbaar voor alles wat je ouders voor je gedaan hebben, en kan niet begrijpen waarom je je soms zo vreselijk boos op ze kunt voelen.

Type 3: op zichzelf gerichte ouders

Anders dan de andere twee typen ouders, zijn deze ouders vaak niet gemotiveerd door wat het beste is voor hun kinderen. In plaats daarvan zijn ze voornamelijk gericht op hun eigen behoeften. Ook zijn ze vaak hard en emotioneel kwetsend tegen hun kinderen op een manier die schadelijk is.

Ouders die in deze categorie vallen zijn bijvoorbeeld de narcistische ouder die wil dat zijn kind hem speciaal doet voelen, de autoritaire ouder die koste wat het kost respect wil en de  verslaafde ouder die haar verslaving altijd voor laat gaan.

Jonice Webb zegt in haar boek dat het vaak makkelijker is bij dit type ouder om te zien dat er iets mis is met ze. Mijn ervaring met cliënten is echter dat het zelfs bij extreem gedrag van deze ouders moeilijk kan zijn voor volwassen kinderen om te geloven dat hun klachten hier iets mee te maken hebben.

Hoe voel je je in de relatie met je ouders?

De moeder van Sander gaat scheiden. Ze wil graag begrip en steun van haar zoon, maar die heeft daar moeite mee: hij vindt het lastig om oprecht mee te leven met moeder. Dit is namelijk al moeders derde man, en Sander mag steeds zijn moeder opvangen als de relatie mis gaat. Dat was zo toen moeder ging scheiden van Sanders vader en ook toen de relatie met man nummer twee stuk ging. Hoe Sander die scheidingen heeft ervaren, daar heeft moeder geen aandacht voor. En trouwens ook niet voor Sanders eigen huwelijk, zijn baan en zijn kinderen. Vandaar dat Sander wat terughoudend is. Moeder heeft daar geen begrip voor, integendeel! Ze is boos op Sander, noemt hem ‘overgevoelig’ en ‘een aansteller’. En verbreekt het contact. Zoals ze al zo vaak heeft gedaan als Sander niet deed wat moeder wilde. Sander is gekwetst, maar hij denkt er niet aan om dat tegen moeder te vertellen, want hij weet uit ervaring dat moeder dan alleen nog maar bozer wordt.

Als jij een ouder hebt die op zichzelf gericht is, voel je je vaak gespannen of angstig als je ze gaat ontmoeten, je zou ze eigenlijk het liefst vermijden. Je voelt je vaak gekwetst door je ouder(s) als je bij ze bent. Het lijkt soms wel of je ouder met opzet een spelletje met je speelt of je manipuleert en zelfs expres probeert je te kwetsen. Het is niet ongebruikelijk om je lichamelijk ziek te voelen (vaak buikpijn) vlak voor, tijdens of nadat je je ouders gezien hebt. Je voelt een enorme woede op ze. De relatie met je ouders voelt onecht, vals. Het is moeilijk te voorspellen of je ouder zich liefdevol of afwijzend opstelt, het kan van het ene op het ander moment veranderen.

 

De ontdekking van emotionele Verwaarlozing

Als je je bewust wordt dat je in je jeugd met emotionele verwaarlozing te maken hebt gehad, kan dat behoorlijke impact hebben. Voor sommigen is het een opluchting om eindelijk een naam te kunnen geven aan iets dat ze al lang voelen. Voor anderen is het een hele schok en een lang proces voor ze kunnen accepteren dat ze zoiets als emotionele verwaarlozing in hun jeugd hebben meegemaakt.

De ontdekking dat je emotioneel verwaarloosd bent, kan ook grote invloed hebben op de relatie met je ouder(s). Naast gevoelens van herkenning, opluchting en verdriet, ervaar je waarschijnlijk ook schuldgevoel. “Mijn ouders bedoelen het zo goed”, “mijn moeder heeft zo haar best gedaan”, “wie ben ik om nu kritiek op ze te hebben?” En ook al hebben sommige ouders duidelijk niet hun best gedaan en er een puinhoop van gemaakt, zelfs dan voelen de kinderen zich nog schuldig of ongemakkelijk als ze de vinger wijzen naar hun ouders als oorzaak van hun ongenoegen.

Het contact met je ouders kan lastig worden in die fase: je houdt nog steeds van ze, je kan nog steeds blij zijn om ze te zien, maar er is ook nog wat anders. Elke keer als je ze ziet wordt je geconfronteerd met dat gemis dat je al heel lang hebt. Je worstelt misschien met verdriet en met boosheid. Je begint je behoeften te ontdekken, en begint misschien te leren hoe je die behoeften moet vervullen. Maar hoe verandert dit alles de relatie met je ouders? Moet je je ontdekking met ze gaan bespreken? Hoe zullen ze reageren? Wat verwacht je eigenlijk? En mag je dat verwachten van je ouders? Op al deze vragen zal ik een volgende keer ingaan.

 

Voor dit blog heb ik uitgebreid geput uit het boek: “Running on Empty no more” van Jonice Webb. Wil je meer lezen? Ik kan je haar boeken zeer aanbevelen:

 

 

photocredit: kramatsok resnal

Geef een reactie